Het ontstaan van Jong-Nederland.
Onder de dagtekening "Meerssen, St. Nicolaasdag" ging er in het begin van december 1944 een brief uit van het "Jong-Nederland Secretariaat Meerssen". Deze brief was gericht aan de priester van het bisdom Roermond en de eerste regels luidde:
"Zoals u waarschijnlijk, door de bekendmaking in de pers, ter kennis is gekomen, heeft de diocesane leiding van de katholieke actie voor mannelijke jeugd beneden 17 jaar, een jeugdbeweging opgericht met de name "Jong-Nederland".
|
De datering van deze brief, 6-12-1944, wordt aangehouden als oprichtingsdatum van Jong-Nederland. De oprichting geschiedde in een woelige periode van onze vaderlandse geschiedenis. het eind van 1944 was het grootste deel van Nederland nog bezet, maar voor Zuid-Limburg begon de bevrijding in september 1944 al. Nauwelijks waren de bezetters verdreven en de bevrijders uitbundig verwelkomt of ook de jeugdbewegingen, die door de bezetters waren verboden, traden weer naar buiten. |
|
Om te komen tot één katholieke jeugdbeweging zochten de katholieke verkenners en de jonge wacht contact met elkaar en vormde zo onder stimulans van de diocesane leiding van de katholieke actie de basis voor Jong-Nederland. Het katholieke meisjesgilde (KMG) vertoont al sinds zijn ontstaan enige overeenkomsten met Jong-Nederland. Eind 1944 werd in het bisdom 's-Hertogenbosch "in afwachting van de te verwachten eenheid in het vrouwelijke jeugdwerk" besloten tot het oprichten van een katholiek meisjesgilde. De groei en ontwikkeling van deze twee organisaties bleken in de loop de jaren telkens meer te kennen, zodat de vraag naar het waarom van een samenwerking beantwoord werd door een praktische realiteit. Vanaf 1-1-1970 vormen Jong-Nederland en het katholieke meisjesgilde dan ook één organisatie onder de naam Jong-Nederland.
Begin van het jeugdwerk voor de jongens.
|
De afdeling in maasbree bestaat sinds 1949 als Jong-Nederland afdeling. Maar dit wil niet zeggen dat er voor 1949 in maasbree niets aan jeugdwerk werd gedaan. De jaren voor de oorlog in 1940 was er in Maasbree "De Jonge Wacht", een groep jongeren die elke week onder begeleiding van hun leiding in een blokhut aan de breestraat groepsbijeenkomsten draaiden. Deze bijeenkomsten bestonden hoofdzakelijk uit sport en buitenleven, zoals speur- en spoor- tochten, vlagveroveren en noem zo maar op. Toen in 1940 de duitsers nederland bezet hielden mocht er van de toenmalige machthebber geen georganiseerd jeugdwerk plaatsvinden. |
|
Na de oorlog werd door toedoen van Handrie Lintjes, Teun Thijsen en Harry Hoeymakers Jong-Nederland St. Aldegondus Maasbree opgericht als voortzetting van de jong wacht en kwam de jonge vereniging, mede door het enthousiasme van kapelaan Theunissen, weer tot grote bloei. Teun thijssen had samen met de oud-leiders van de jonge wacht, enkele jongelui bereidt gevonden voorlopig op te treden als leider van Jong-Nederland. Er werd gestart met een groep jongens uit de hoogste klas van de toenmalige lagere school. De pas benoemde Kapelaan Theunissen was meteen bereid om als aalmoezenier op te treden, en mede door zijn toedoen werd contact gezocht met de diocesane leiding in Meerssen, om iets te vernemen omtrent de nieuwe opbouw en organisatie van de jeugdbeweging. Enkele leiders van de diocesane staf waren bereid om een groepsbijeenkomst te leiden, en verdere technische en praktische aanwijzingen te geven.
Van de districtsleiding te Helden ontving de staf van Maasbree nog wat instructies, en zo kon de eerste bijeenkomst van start gaan. De eerste bijeenkomsten hadden veelal nog het karakter van een gezellig samenzijn, doch langzaamaan begon de afdeling Maasbree meer naar het echte jeugdwerk toe te groeien. Speurtochten werden uitgezet, veldspelen beoefend, en in kleiner verband werden diverse groepsleiders nader geïnstrueerd over het werk in de jeugdbeweging.
Vlak na de oorlog was er geen blokhut meer, deze was in de oorlog afgebroken en verhuist naar het lang-hout (straat in maasbree) voor een tijdelijk onderkomen bij de familie Muyzenberg.
Het gebrek aan een blokhut werd gedeeltelijk opgevangen door bij slecht weer de bijeenkomsten te houden in het patronaat. De contacten met de diocesane en districtsleiding werden uitgebreid en inmiddels was Sraar Hendriks al bezig met het volgen van de cursus tot aanstelling van leider. Zo groeide Jong-Nederland Maasbree door.
|
Ze kregen een blokhut op de Breukerheide met een voetbalveld en konden nu onafhankelijk groepsbijeenkomst draaien. In 1958 was de blokhut aan verbouwing toe. Het houtwerk buitenom werd vervangen door steen. De groepen bleven maar groeien. Een groep van 30 a 40 man was in die tijd heel
gewoon. Elke groep had ook z'n eigen naam. |
|
We zijn inmiddels beland in 1961. Daar komen in het archief van Jong-Nederland Maasbree weer de eerste gegevens vrij, het correspondentie adres van zowel de KJB afdeling van het gilde en van de financiën was toen Dhr. G. Engels samen met als aalmoezenier Kapelaan J. Vleeshouwers. Het allereerste kamp van Jong-Nederland Maasbree was in 1961 in Beaxem en werd gewonnen door de groep de herten. De gehele ingeschreven staf bestond uit 8 man waarvan 1 aalmoezenier, een gilde leider, twee hopmannen en vier gewone leiders. Het aantal leden op dat kamp bestond uit 72 jongens. In 1962 ging Jong-Nederland Maasbree voor het eerst samen met het KMG op stap voor het jaarlijkse uitstapje dit keer in harderwijk
Begin van het jeugdwerk voor de meisjes.
|
In april 1948 werd er gestart met een groep van ongeveer 30 meisjes. dit onder leiding van A. Hanraets en A. Hendrik, met als geestelijk adviseur pastoor Nabben. Al gauw bleek dat er zeer veel belangstelling was voor deze vereniging en kwam er een tweede groep bij. ook de ouders waren erg ingenomen met deze vereniging hetgeen bleek op de zeer drukke ouderavonden. bij deze gelegenheid had de hele groep hun eerste (een groen) uniform gekregen. Er werden allerlei activiteiten georganiseerd zoals: bezinningsdagen, cursussen, installatiefeesten voor nieuwe groepen, kerst en St. Nicolaas feesten. Een van de hoogte punten was destijds "een week op bivak" wat in die tijd iets nieuws was bij de jonge garde. Het buiten leven in de natuur, samen het bivak opbouwen, koken spelen enz. Voor de financiële zorgen werd er elk jaar een fancy fair gehouden dit houd in dat er allerlei spelen en kraampjes gemaakt worden en dat de mensen hier voor een beetje geld aan konden deelnemen of iets konden kopen. Dit is iets wat Jong-Nederland nog steeds ieder jaar organiseert. In 1967 werd de jonge garde omgedoopt tot het katholieke meisjes gilde Maasbree. Dit bestond destijds uit 7 groepen meisjes, leeftijd 11 tot 17 jaar, die eens in de twee weken een bijeenkomst hadden in het patronaat. |
|
Hier enkele van de activiteiten van het KMG:
- Toneel,
- Pantomime,
- Quiz,
- Handenarbeid,
- Vrije expressie,
- Volksdansen,
- Sport en spel,
- Wandeltochten,
- Zwemmen,
- Gezellig samen zijn,
- Excursies,
- Lezingen
|
In 1970 zijn het Katholiek Meisjesgilde en Jong-Nederland samengegaan in de stichting Jong-Nederland |
|
De wet van jong Nederland (dat ieder lid uit het hoofd moest kennen tegenwoordig hoeft dit niet meer): Een jong Nederlander is: |
|